Wat is het Google algoritme eigenlijk?
Als mensen het over 'het algoritme' hebben, bedoelen ze eigenlijk tientallen systemen die Google combineert om bij elke zoekopdracht een rangorde te maken. Google noemt er zelf een aantal openbaar: systemen die de betekenis van een zoekvraag begrijpen (zoals BERT en RankBrain), systemen die kwaliteit en behulpzaamheid beoordelen, systemen die links wegen, systemen die spam herkennen en systemen die bepalen of een pagina actueel genoeg is. Die systemen worden doorlopend bijgesteld en een paar keer per jaar grondig herzien in een core update.
Wat Google wel zegt: het doel van al die systemen is de meest nuttige, betrouwbare pagina bovenaan zetten voor wat iemand bedoelt, niet voor wat iemand letterlijk typt. Wat Google niet zegt: de precieze weging. Die is geheim en verandert, om misbruik te voorkomen. Wie SEO doet op basis van de bedoeling van Google in plaats van de precieze regels, heeft daar geen last van.
Hoe werkt het algoritme van Google in 4 stappen
Stap 1 is crawlen. Googlebot volgt links en sitemaps en haalt pagina's op. Hij heeft per website een beperkt budget aan tijd, dus trage pagina's, dode links en eindeloze filtervarianten van een webshop kosten crawlruimte. Stap 2 is indexeren: Google leest de pagina, bepaalt het onderwerp, kiest bij dubbele versies de canonieke en slaat de pagina op in de index. Niet elke gecrawlde pagina komt erin; dunne of dubbele pagina's blijven in de status 'gecrawld, momenteel niet geïndexeerd' hangen.
Stap 3 is rangschikken: bij elke zoekopdracht beoordelen de systemen welke geïndexeerde pagina's het beste antwoord geven. Stap 4 is tonen: Google bouwt de resultatenpagina op met blauwe links, een kaart, shopping, afbeeldingen, een blok 'Mensen vragen ook' en sinds 2025 ook in Nederland steeds vaker een AI Overview bovenaan. Voor een ondernemer is de volgorde het belangrijkste inzicht. De meeste problemen die ik bij kleine websites tegenkom, zitten in stap 1 en 2, niet in het ranken: pagina's die Google nooit heeft gezien of niet heeft opgenomen, kunnen onmogelijk scoren.
Waar Google op let bij het rangschikken
Google beschrijft zelf vijf factoren die bij het rangschikken meewegen. De betekenis van de zoekopdracht: wat bedoelt iemand met 'jaguar' of met 'fysio dordrecht'? De relevantie van de pagina: gaat hij over dat onderwerp, met de woorden die zoekers gebruiken? De kwaliteit: is de bron deskundig, betrouwbaar en gebaseerd op ervaring? Linken andere betrouwbare sites ernaar? De bruikbaarheid: laadt de pagina snel, werkt hij op mobiel en is hij veilig? En de context: waar is de zoeker, welke taal, welk apparaat, wat heeft hij eerder gezocht?
Sinds de update van maart 2024 is de nadruk sterk verschoven naar het derde punt. Google voegde in zijn richtlijnen 'ervaring' toe aan expertise, autoriteit en betrouwbaarheid. Ook nam het de systemen die behulpzame content belonen op in het kernalgoritme. Praktisch betekent dat: pagina's die geschreven zijn door iemand die het onderwerp uit de praktijk kent, met eigen voorbeelden en cijfers, winnen van pagina's die samenvatten wat elders al staat. Dat is precies de reden waarom in mijn eigen kennisbank elk artikel een blok met mijn eigen mening heeft en cijfers uit mijn eigen bedrijven.
Core updates: wat er verandert en wat niet
Een paar keer per jaar kondigt Google een core update aan, een brede herziening van hoe de systemen kwaliteit beoordelen. Websites merken dat als een plotselinge stijging of daling over de hele site, niet op één pagina. Een core update straft meestal niets specifieks; hij herwaardeert. Pagina's die eerder te hoog stonden voor hun kwaliteit zakken, pagina's die ondergewaardeerd waren stijgen.
Wat je tegen een daling na een core update doet, is daarom zelden een technische fix. Google geeft zelf een lijst vragen mee: biedt de pagina echte informatie, onderzoek of analyse? Is hij geschreven door of voor mensen met aantoonbare kennis? Zou je de pagina vertrouwen voor een beslissing over je geld of gezondheid? Voegt hij iets toe aan wat er al staat? Wie die vragen eerlijk met ja kan beantwoorden, heeft van core updates meestal weinig te vrezen. Wie ze met nee beantwoordt, moet niet aan trucs werken maar aan de inhoud.
Zo controleer je zelf of een core update je heeft geraakt. Open Search Console, zet de periode op de 28 dagen na de update en vergelijk met de 28 dagen ervoor. Kijk niet naar het totaal maar naar de pagina's: welke verloren klikken, welke wonnen? Vaak zie je dat dunne pagina's zakken en uitgebreide pagina's stijgen. Dat is precies de opdracht. Verbeter of voeg de dunne pagina's samen; verwijder wat niets toevoegt. Reken daarna op de volgende core update voordat je het effect terugziet, want Google herwaardeert pas dan opnieuw.
Wat AI verandert aan het Google algoritme
De grootste verandering sinds jaren zit in stap 4, het tonen. Bij een groeiend deel van de zoekopdrachten, vooral vragen, schrijft Google bovenaan een AI Overview: een samengesteld antwoord met daaronder de bronnen. Daarnaast kan een zoeker overschakelen naar AI Mode, een volledig gespreksvorm van zoeken. Belangrijk om te begrijpen: die AI-antwoorden komen voort uit dezelfde index en dezelfde rangschikking. Google haalt de pagina's op die in stap 3 goed scoren en laat een taalmodel daar een antwoord uit samenstellen.
Het gevolg voor websites is tweeledig. Informatieve zoekopdrachten leveren minder klikken op, omdat het antwoord al op de resultatenpagina staat. Maar pagina's die als bron worden genoemd, krijgen een nieuw soort zichtbaarheid: een vermelding in een antwoord dat miljoenen mensen lezen. Wat helpt om die bron te zijn, is hetzelfde wat altijd al hielp, met één accent erbij: antwoorden die direct onder een duidelijke kop staan, feiten met een bron en een naam en datum bij de tekst. Het taalmodel citeert liever een pagina waarvan het weet wie het schreef en wanneer.
Wat jij kunt beïnvloeden, per stap
- Crawlen: een actuele sitemap, interne links naar elke belangrijke pagina, geen dode links en een snelle server. Controleer in Search Console onder Pagina's welke URL's Google wel ziet maar niet opneemt.
- Indexeren: één onderwerp per pagina, voldoende eigen tekst, canonical-tags bij varianten en structured data zodat Google de inhoud niet hoeft te raden.
- Rangschikken: beantwoord de zoekvraag volledig, laat ervaring zien met eigen voorbeelden en cijfers, verdien links van relevante sites en zorg dat de pagina snel en mobiel is.
- Tonen: gebruik koppen die de vraag van de zoeker herhalen, zet het antwoord direct onder de kop, voeg een FAQ met structured data toe en zet een naam en datum bij elk artikel.
Wat je niet kunt beïnvloeden: de weging, de timing van updates en het gedrag van concurrenten. Daar energie in steken is verspilde tijd. Wat je wel kunt doen, is elke maand in Search Console kijken welke pagina's stijgen en dalen en daar de volgende pagina op bouwen.
Google publiceert zelf een lijst van zijn rangschikkingssystemen en een lijst met vragen om je eigen content te beoordelen na een core update. Lees die twee pagina's één keer goed; ze zeggen meer dan de meeste SEO-blogs. Zoek op 'Google ranking systems guide' en 'Google core updates helpful content'.

Ik heb in veertien jaar heel wat 'algoritme-geheimen' voorbij zien komen die een jaar later niet meer werkten. Wat wel elke update overleefde: pagina's van mensen die hun vak kennen en dat laten zien. Wat ik zelf anders doe dan veel bureaus: ik probeer niet het algoritme te verslaan maar te begrijpen wat Google wil bereiken. Dat is simpelweg de zoeker het beste antwoord geven. Daarom schrijf ik elk artikel vanuit mijn eigen praktijk, met cijfers van mijn eigen bedrijven. Dat is geen SEO-truc, het is het enige wat op lange termijn werkt.
Celine, Goldcompass